Doorgaan naar hoofdcontent

Op vakantie en autisme


Vakantie; een periode van rust, afstand van het dagelijkse ritme en tijd voor ontspanning. ‘Jaarlijks toegekende vrije tijd’, zegt van Dale zo mooi. Tijd om zelf in te vullen. In combinatie met autisme zorgt dat voor uitdagingen. Welke uitdagingen? Lees het mee in deze blog over autisme en op vakantie gaan.

 

Iedereen vult op zijn of haar eigen manier de dagen in als je op vakantie bent. Daar horen vrijwel altijd de omgeving verkennen en verschillende uitstapjes doen bij.

De één is hele dagen op pad en een ander blijft wat meer in en om het vakantieoord.

 

Eerder schreef ik al eens deze blog, waarin ook een stukje te lezen is over hoe het op vakantie ging. Toen wisten we nog niet van de diagnose autisme bij onze dochter. Ondertussen weten we dat al een aantal jaar en weten we dus ook dat ‘gewone' dingen aanpassingen vereisen. En dat geldt dus ook voor het op vakantie gaan.

Tegenwoordig weten we dat op vakantie gaan een aantal voorbereidingen nodig heeft. We kiezen er bewust voor om steeds naar een Landal park te gaan. Van tevoren laten we foto’s zien van het park en het huisje. We maken een aftellijst om inzichtelijk te maken wanneer we precies gaan. Ook vertellen we niet té lang van tevoren dat we op vakantie gaan. Af en toe nemen we de tijd om over de vakantie te kletsen, daarna sluiten we het mapje weer om in 'autisme-taal' te spreken. 


Als we bijna arriveren, vertellen we alvast de volgende stappen. Aangekomen bij het vakantiehuisje lopen we een rondje om alles te bekijken en rustig te wennen. 

Meestal is dat ook wat we de eerste dagen doen: wennen. Want in een vakantiehuisje is eigenlijk álles anders. Van de bank tot de borden aan toe. We merken dat onze dochter echt de tijd nodig heeft om te wennen in een omgeving waarin voor haar zoveel anders is. Ze benoemt dit zelf ook: 'ze hebben hier andere borden, hè mam?'. 

De eerste dagen ondernemen we dus erg weinig. We blijven veel bij het huisje, hooguit eens een rondje op het park. Dat zijn voor haar al meer dan genoeg prikkels. 

Als we wat gaan ondernemen is de voorbereiding belangrijk: waar gaan we heen, wat gaan we doen, hoelang duurt het.. duidelijkheid geven dus! Waar we bij onze andere dochter zien dat ze zich aanpast aan de omstandigheden en de situatie op dat moment, is dat voor onze oudste dochter erg lastig. Afgelopen vakantie zaten we in de buurt van Duitsland en reden we even de grens over. In de auto zat ze stijf tegen me aan omdat ze 'alles wel heel anders vond'. De wegen, huizen, auto's maar ook de taal was anders. Dit alles kost haar veel denkwerk en schakeltijd in haar hoofd waardoor een kort uitje voor haar erg vermoeiend is.


Voor ons als ouders is dat best wel eens lastig! Want het vraagt om continu aanpassen, veel rustmomenten inbouwen, vooruit denken en steeds voorbereiden. Uiteraard doen we dat met liefde. We zien en merken ook zeker dat het helpt. De eerste paar dagen komen er vaak huilbuien van de overprikkeling maar na verloop van tijd zien we haar ook echt ontspannen en op haar manier genieten!

En toch is er vaak wel een dip-moment. Zo'n moment waarop de één tegen de ander zegt: 'is dit het nu? Nog weinig gezien, nog weinig gedaan..'. Ook dat is een onderdeel van het levend verlies. Want een vakantie zoals we hadden voordat autisme in ons gezin kwam, lukt niet meer. Met ons verstand weten we het. Met ons hart zoeken we wat het beste is voor onze dochter. Maar ons gevoel komt ook wel eens in opstand. Dat mag ook genoemd worden en onder ogen gezien worden. Soms geeft het benoemen al lucht. Los van elkaar wat ondernemen of als gezin opsplitsen is misschien niet volgens het ideaalbeeld maar kan zeker ook (meer) een vakantie gevoel geven!

We zijn blij dat op vakantie gaan lukt. Al kost het aanpassingen die vaak niet worden gezien, logisch ook. Maar die aanpassingen zijn wel realiteit in het leven met autisme in het gezin. Vandaar deze blog; een inkijkje in een vakantie met autisme. 

Reacties

Populaire posts van deze blog

De buitenkant van iemand met autisme

Maar je ziet helemaal niks!  Deze opmerking is wel eens gezegd over onze dochter met autisme. En het is denk ik vaak door mensen heen gegaan: zij, autisme? Ik zie het helemaal niet en eigenlijk merk ik het ook niet.  En dat klopt. Zo op het oog is er niets bijzonders aan haar te zien en ook merk je het niet altijd in haar gedrag. Dat is enerzijds haar kracht. Ze is heel goed in observeren en sociaal kopiëren. We leren haar thuis sociale vaardigheden aan en oefenen met sociale situaties. En zo weet ze zich in de meeste situaties goed staande te houden. Best heel fijn, daar zal ze in de toekomst veel aan kunnen hebben! Aan de andere kant zorgt het ook voor onbegrip. Want kijk eens hoe goed ze het doet, het zal wel meevallen, toch? Ja, er zijn momenten dat het wel meevalt. Als ik haar op het schoolplein zie spelen met vriendjes en vriendinnetjes voel ik me trots. Wat doet ze het goed! Als ik haar blij zie kletsen met goede bekenden of familie dan maakt het me blij.  Helaas z...

Terugblik: overstap SBO

 ‘Zij is echt het schoolvoorbeeld van een kind wat tot leren komt als het op de goede plek zit!’  Dat was één van de eerste zinnen tijdens het gesprek met de meester en juf van onze dochter. Het schooljaar is bijna voorbij. Een bijzonder schooljaar voor onze dochter én voor ons. Het eerste SBO-schooljaar. En inderdaad kunnen we nú zeggen: wat is de overstap van regulier onderwijs naar speciaal onderwijs een goede keuze geweest! Alsof we een ander kind hebben. Natuurlijk, ze heeft nog steeds autisme. En dat kan nog steeds de nodige uitdagingen geven.  Maar wat een verschil! Van een paar keer per week overprikkeld uit school komen naar een paar keer per jaar (!) overprikkeld uit school komen. Van héél vaak een vol hoofd naar nauwelijks meer een vol hoofd. Jezelf niet meer de uitzondering voelen in de klas maar gewoon met je klasgenoten, tijdens de handvaardigheid les, bespreken: ‘wat heb jij eigenlijk? O, ook autisme? Ik ook!’. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is....

Drie verschillende ziekenhuizen op 1 dag; vervolg

 In mijn vorige blok heb ik verteld hoe E door de huisarts werd doorverwezen naar de spoedeisende hulp van het Maasstad ziekenhuis. Ik reed eerst nog snel langs huis, nam voor de zekerheid een zak broodjes mee. Want tja, je weet maar nooit hè! Al vrij snel mogen we verder komen. Het eerste kamertje vind ik altijd een soort keuringskamer. E wordt ‘gekeurd', en ja, ze horen inderdaad iets. Helaas, de uitkomst van de keuring is dus niet: terug naar huis, maar: verder het ziekenhuis in. We nemen plaats in de volgende wachtkamer. Gelukkig voor S is daar leuk speelgoed. E heeft niet zo veel energie om te spelen, die zit heerlijk bij me op schoot. Na een poosje worden we naar een kamer halverwege de lange gang gebracht. Een verpleegkundige komt weer even wat controles doen. E is heel dapper. Dan moeten we weer wachten. Dat is eigenlijk hoe de volgende uren eruitzien: er komt een verpleegkundige binnen, die doet een controle of een onderzoekje en we wachten weer. Tussendoor houd ik mijn ma...